Print This Page

Bomputten van Zemst

Ontstaan en ontwikkeling

Tijdens de tweede wereldoorlog zijn er hevige bombardementen geweest met de kazerne van Vilvoorde als doel. Grote hoeveelheden bommen zijn echter ook, tussen Vilvoorde en Eppegem, op en naast de spoorlijn terecht gekomen. Dit heeft zowel zuidelijk als noordelijk van de spoorlijn talrijke bomkraters gecreëerd. Na de oorlog zijn vele van deze kraters langzamerhand gedempt. Bewoning en industrie rukten op. Onlangs nog werd voor de aanleg van een gasleiding een bomput in een weide te Houtem gedicht. Vandaag blijven er nog 11 van die bomputten over in de weiden op de grens van Houtem en Eppegem.

Die overblijvende bomputten zijn ideale biotopen voor amfibieën en werden dan ook vlug door deze dieren gekoloniseerd. De putten zelf zijn 1.5 à 2 meter diep met langzaam aflopende wanden, zeer geschikt als voortplantingsplaats. De noordelijk gelegen spoorwegberm vormt een ideale zomerfourageer-en overwinterplaats.Volgende salamanders worden er tot op heden waargenomen: kleine watersalamander, alpenwatersalamander en kamsalamander. Verder zijn er ook de gewone pad, de groene kikker en de bruine kikker frequent. Tot een twintigtal jaar geleden werd ook de rugstreeppad in de omgeving waargenomen.

Op het einde van de jaren 70 van vorige eeuw is de toenmalige natuurvereniging de Wielewaal begonnen, in samenwerking met de landbouwers, met de inventarisatie en het beheer van de poelen. Sedert 2000 voert Natuurpunt jaarlijks inventarisaties uit en volgt de populaties op de voet. Natuurpunt beheert er ook een weide waarin een paar poelen gelegen zijn. Ook werden er verschillende wetenschappelijke studies uitgevoerd. Zo werd door Rudy Willockx vastgesteld dat de individuen van de kamsalamander via de tekening op de buik individueel herkenbaar zijn.

De putten in de weiden worden gebruikt door de koeien als drenkplaats. Hun regelmatig intreden veroorzaakt verlanding. Daarom dienen de poelen op regelmatige basis uitgekuist te worden. Ook de afsluiting rond de poelen dient onderhouden te worden.

Wegens de aanwezigheid van koeien zijn de putten enkel toegankelijk voor inventarisatie en onderzoek.

Onze conservator: Francis Wyns


Vorige pagina: De Biest
Volgende pagina: Dorent