Print This Page

Inventarisatie van amfibieën in 2007

Ook dit jaar trok een ploeg van Natuurpunt Zemst er op uit langs de poelen van Zemst om na te gaan hoe het gesteld is met de amfibieënpopulaties in deze waterpartijen.

Naast het tellen van de aanwezige amfibieën en andere waterdiertjes, werd er dit jaar een bijkomend onderzoek gedaan op de kamsalamander. Op vraag van Ravon wordt via een kleurkaart de buikkleur van de kamsalamander bepaald. De Stichting RAVON is een Nederlandse vrijwilligersorganisatie voor onderzoek naar reptielen, amfibieën en vissen. Ze willen onderzoeken of de buikkleur streekgebonden is. Dat het de laatste jaren slecht gaat met het meest eminente lid van de amfibieën, de kamsalamander, hebben wij reeds meermaals gemeld. Maar houdt de dalende trend aan, en zo ja, wat doen we er aan?

In volgorde bespreken we in dit overzichtje eerst de kamsalamander, de kleine watersalamander en de alpenwatersalamander in de opeenvolgende groepen poelen. Voor de eenvoud spreken we afgekort over de ’kam’, de ’kleine’ en de ’alp’. Dorent, de ‘kam’: de 3 poelen in de meest zuidelijke helft van de afgesneden meanders van de Dorent geven een duidelijk beeld van steeds dalende populaties. Hopelijk geeft de ruiming van ingevallen bomen in de poelen tijdens de zomer van 2006 enig herstel.

In het meest noordelijke deel van de Dorent schijnt de populatie te herstellen na jaren van drastische terugval. Het natuurproject dat in de Dorent wordt opgestart, zal mogelijkerwijze de overbemesting en besproeiing met selectieve herbiciden kunnen terugdringen en meer kansen aan de amfibieën en planten geven.

Langs de Daalweg en het Dorentbos is nog nooit kamsalamander waargenomen. In alle poelen vertoont de ’kleine’ een licht dalende en de ’alp’ een stijgende trend. In de poel van Janssens blijven ’kam’ en ’kleine’ met weinig exemplaren aanwezig. De poel is sterk aan het verlanden. De poelen in de Spaniestraat geven sedert 2002 geen waarnemingen meer van ’kam’ en enkel de ’kleine’ is er in kleine hoeveelheden aanwezig. De buurtbewoners wijzen hier de enorme bemesting van de aanpalende akkers tijdens de laatste jaren aan, als mogelijke oorzaak.

In de poelen van de Nayakker is de populatie ’kam’ begin 2000 tot nul herleid en zij vertoont geen aanzet tot herstel. Zelfs de ’kleine’ schijnt zich niet te kunnen herstellen. Over de redenen van deze crash tasten we volledig in het duister. In de Beekveldstraat blijven zowel ’kam’ als ’kleine’ in zeer kleine hoeveelheden aanwezig. De omliggende weide herbergt veel bloemen, wat wijst op een lage bemestingsgraad.

In het Vriezenbroek werden in het najaar van 2006 in totaal 7 poelen gegraven. Op de voormalige akkers waren de verwachtingen laag, omdat het water nu nog geen enkel waterplantje herbergt. Toch hadden we hier in een poel ’alp’ en in een andere ’kleine’, in de Lange Weidestraat zelfs beide soorten. Dit belooft voor de toekomst.

In Kollinten werden er 4 nieuwe poelen gegraven in het najaar van 2006. Ook hier waren nog geen waterplanten. De 2 poelen, in oude graslanden gegraven, presenteerden ons onmiddellijk enkele exemplaren ’kam’ en een mooie populatie ’kleine’. Voorwaar een onverhoopt goed resultaat.

In het Poelenbroek zijn er opnieuw zeer grote populaties ’kleine’ en ’alp’ waargenomen. In het najaar werden alle poelen geschoond. Onmiddellijk konden ook in de achterste poelen veel ’alp’ en ’kleine’ waargenomen worden. Tot nu toe vielen deze beide poelen vlug droog. Er werden in verschillende poelen nieuwe recordhoeveelheden opgetekend voor beide soorten. 

De poelen op de grens met Houtem werden in het najaar van 2005 geschoond. Dit schijnt al resultaat te boeken. In 7 van de 9 poelen werd ’kam’ gemeld. In 2003 waren er maar in 2 poelen ’kam’ aanwezig. Bij de ’kleine’ valt een lichte stijging en bij de ’alp’ een grote stijging van de aantallen op te meten. Uit al deze resultaten kunnen een aantal besluiten getrokken worden. De poelen en de zomerbiotopen rond de poelen die we volledig beheren, leveren goede resultaten op en vertonen zelfs stijgende populaties.

Gebieden in eigendom verwerven, waarin poelen kunnen gegraven worden, is de enige weg om de amfibieënpopulaties te redden en uit te breiden. Het regelmatig schonen van poelen kan de terugval van populaties tegengaan. Natuurpunt Zemst vecht om deze conclusies zo ruim mogelijk in de praktijk te brengen.