Print This Page

Vleermuizen

Hoewel er wereldwijd meer dan 1000 soorten vleermuizen bestaan, komen er in Vlaanderen slechts een 20-tal voor. De meeste zijn uitgesproken zeldzaam.

In de winter houden vleermuizen een winterslaap op een verborgen plekje. Tijdens de zomer zijn de dieren actiever en kan je ze gemakkelijker opmerken. Sommige soorten wonen enkel in gebouwen, andere enkel in holle bomen en nog andere in beide. Vleermuizen en hun verblijfplaatsen zijn wettelijk beschermd, maar dat alleen is onvoldoende om van alle soorten levensvatbare populaties te behouden. Speciale maatregelen, zoals het inrichten van zolders en kelders, kunnen de aantallen langzaam weer opkrikken.

Grote honger

Zoals de meeste andere zoogdieren brengen ook vleermuizen hun jonngen levend ter wereld. Een vleermuisvrouwtje krijgt slechts één jong per jaar, dat in juni of juli geboren wordt. De vrouwtjes verzamelen zich in "kraamkolonies". Het aantal dieren in een kraamkolonie kan variëren van enkele tot meer dan honderd individuen. Al onze vleermuizen zijn aangewezen op klein dierlijk voedsel, zoals muggen, motten en spinnen. Vleermuizen moeten elke nacht een enorm aantal muggen en andere insecten consumeren, gemiddeld een 30 tot 50% van het eigen lichaamsgewicht. Vleermuizen zijn dus natuurlijke insectenbestrijders.

Grote zolders

Zolders van kerken, abdijen en kastelen zijn ruim, hoog gelegen en veelal rustig en ongebruikt. Vaak verblijven er kwetsbare vleermuizen die zelden in gewone huizen komen, zoals grootoren of laatvliegers. Door speciale vliegopeningen te voorzien, kunnen deze vleermuizen gemakkelijk binnen en blijven de duiven buiten. Donkere zolders schrikken duiven af en zijn ideaal voor vleermuizen.

Een vleermuis in jouw huis?

De meest bekende huisbewoner is de dwergvleermuis. Zijn favoriete plaatsjes zijn onder meer spouwmuren en rolluikkasten, spleten onder dakpannen of tussen gevelbekleding. Kolonies in huizenn veroorzaken over het algemeen weinig problemen. Vleermuizen zijn onschadelijk. Ze maken geen nest en knagen ook niet aan isolatie of balken. Geurhinder komt slechts zeer zelden voor. Onder de uitvliegopening kan je hooguit kleine uitwerpselen van vleermuizen terugvinden. Ze bestaan uit restjes van insectenpoten en dekschilden, en zijn een prima meststof voor in de tuin of de plantenbak. Het ondoordacht verwijderen van kolonies of dichtmaken van openingen zorgt zeer vaak voor stank van kadavers van ingesloten dieren. Dit is ten zeerste afgeraden en ook bij wet verboden.

Wetende dat vleermuizen prima insectenbestrijders zijn, mag je je best gelukkig prijzen met hun aanwezigheid.